Trouwen is misschien wel de spannendste dag in een mensenleven. En eerlijk: ook voor mij als fotograaf is het elke keer weer spannend. Je krijgt de verantwoordelijkheid om iemands mooiste dag vast te leggen en die verantwoordelijkheid voel je.
Na mijn eerste huwelijk dacht ik dan ook: dit was mooi, maar dit doe ik nooit meer. Het was een lange dag, van tien uur ’s ochtends tot één uur ’s nachts. Geen moment rust. Toen ik eindelijk even mocht eten, tikte de moeder van de bruid me alweer aan: “Kan je nog wat foto's maken?” Ik was gesloopt.
Toch weer terug
Toch kwam er een paar jaar later een omslag. Een vriendin vroeg me voor haar huwelijk, waar ik als gast aanwezig was, of ik wat foto’s wilde maken. Ik dacht: ik ben er toch, waarom niet? Het was een intiem huwelijk, met een klein gezelschap. Ik voelde wel gezonde spanning, maar ik merkte dat ik het verrassend leuk vond. Het begon weer te kriebelen.
Die lange, uitputtende dagen wilde ik niet meer. Daar heb ik van geleerd: ik geef nu mijn grenzen aan. Maar stapje voor stapje begon ik weer huwelijksopdrachten aan te nemen. En wat bleek? Er is één moment tijdens een huwelijk dat ik echt het allermooist vind.
De shoot: een privé-momentje tussen de drukte door
Want een bruiloft is hectisch. Familie die aandacht wil, speeches, tranen, gelach, kinderen die door de zaal rennen. Het bruist en borrelt. Maar dan komt de shoot. Even dat ene moment waarop alles stilvalt.
De drukte van de dag blijft achter. Het bruidspaar hoeft even niet te letten op gasten, ceremoniemeesters of schema’s. Het is hún moment. Samen. En ik mag daar als fotograaf bij zijn. Ik help ze ontspannen, geef wat aanwijzingen, maar vooral: ik leg vast wat er al is. De blikken, de aanrakingen, de kleine grapjes die alleen zij samen begrijpen.
Juist dat stukje intimiteit in de chaos maakt de shoot voor mij zo bijzonder. Je voelt de liefde, bijna tastbaar. En die mag ik vangen in beelden die ze voor altijd kunnen bewaren.



